Maand: december 2020

De aanbidding van het Lam Gods

Het op eikenhout geschilderde schilderij ‘De aanbidding van het Lam Gods’ is een groot en inhoudelijk complex vroeg-15e-eeuws Vlaams veelluik. Het werk is in 1430-1432 gemaakt in opdracht van de Gentse burger-koopman Joos Vijd door de gebroeders van Eyck. Het is ontworpen als altaarstuk voor de Vijdkapel in de Sint-Janskerk van Gent.

Het veelluik kende een uiterst avontuurlijke geschiedenis en is, op één paneel na, ‘de Rechtvaardige Rechters’, in zijn geheel te zien in de Sint-Baafskathedraal in Gent.

Er zijn verschillende panelen zichtbaar afhankelijk van of veelluik gesloten of open is.

Gesloten

De aanbidding van het Lam Gods (gesloten)
De aanbidding van het Lam Gods (gesloten)

Gesloten – boven (van links naar rechts)

Boogpanelen over de Annunciatie:

  1. Profeet Zacharias
  2. Sibille van Erythrae
  3. Sibille van Cumae
  4. Profeet Micha

Gesloten – midden

  1. Aartsengel Gabriël
  2. Interieur: Doorkijk op een Gentse straat
  3. Interieur: Lavabo met handdoek
  4. Maria in Gebed

Gesloten – onder

  1. Joos Vijd
  2. Johannes de Doper (als standbeeld in grisailletechniek)
  3. Johannes de Evangelist/Apostel (als standbeeld in grisailletechniek). In 1934 gestolen en teruggevonden.
  4. Elisabeth Borluut

Open

Alle aandacht wordt getrokken naar het grote centrale paneel. In een groen landschap speelt zich de hemelse liturgie af rond het Lam Gods, Jezus Christus. Centraal, op een kleine groene hoogte staat een altaar en op het altaar het Lam.

De aanbidding van het Lam Gods (open)
De aanbidding van het Lam Gods (open)

Open – boven

  1. Adam (daarboven het offer van Kaïn en Abel)
  2. Zingende engelen
  3. Maria
  4. God op de troon
  5. Johannes de Doper
  6. Musicerende engelen
  7. Eva (daarboven de moord van Kaïn op Abel)

Open – onder

  1. Rechtvaardige Rechters. In 1934 gestolen en niet teruggevonden.
  2. Ridders van Christus
  3. De Aanbidding van het Lam
  4. Kluizenaars
  5. Pelgrims op bedevaart

De opdrachtgevers

Joos Vijd (1360-1439)
Joos Vijd (1360-1439)
Elisabeth Borluut (ovl. 1443)
Elisabeth Borluut (ovl. 1443)

De schilders

Hubert van Eyck. Zuid-Nederlandse paneelschilder (geboren ca. 1370 in Maaseik en overleden op 18-09-1426 in Gent), vermoedelijk broer van Jan van Eyck. Men neemt vaak aan dat Jan en Hubert van Eyck hebben samengewerkt. Hiervan zijn echter geen schriftelijke bewijzen bewaard gebleven. Zodoende valt moeilijk vast te stellen welke werken precies van Hubert zijn.

Waarschijnlijk heeft Hubert niet meegewerkt aan Het Lam Gods. Op het werk staat weliswaar een opschrift dat vermeldt dat Hubert eraan begonnen is en dat Jan het heeft voltooid. Maar dat is er pas in later tijd opgeschreven.

Jan van Eyck. Nederlandse boekversierder en paneelschilder (geboren ca. 1390 in Maaseik bij Maastricht en begraven 09-07-1441 in Brugge). Vermoedelijk is hij de broer van Hubert van Eyck. Jan van Eyck werd met zijn werk de grondlegger van de realistische Nederlandse paneelschilderkunst. Dank zij overgeleverde berichten en gesigneerde panelen is er over hem meer bekend dan over zijn broer Hubert. Zijn hoofdwerk is het Lams Gods.

Hubert van Eyck (1366-1426)
Hubert van Eyck (1366-1426)
Jan van Eyck (1390-1441)
Jan van Eyck (1390-1441)

Meestal gaat men ervan uit dat de compositie van Hubert is, maar dat het stuk na diens dood door Jan is overschilderd en in zijn huidige vorm is gebracht. Omdat het opschrift, dat zowel Hubert als Jan vermeldt, niet oorspronkelijk is en de stijl van de verschillende panelen zo’n grote eenheid vertoont dat een twee schilder naast Jan ondenkbaar is, is het onmogelijk het werk van Hubert te identificeren en te bepalen. In 1442 of 1443 trouwt Jan van Eyck met Margaretha van Eyck.

Diefstal 1934

In 1934 worden de panelen van De Rechtvaardige Rechters en van St. Jan de Doper gestolen. Het tweede paneel wordt spoedig teruggevonden.

Het lege kader (in zwart/wit)
Het lege kader (in zwart/wit)
Het lege kader (in kleur)
Het lege kader (in kleur)
  • Johannes de Doper
    • Plaats in het veelluik: Gesloten – onder – 2
    • Gestolen: 11-04-1934
    • Teruggevonden: 29-05-1934
  • Rechtvaardige rechters
    • Plaats in het veelluik: Open – onder – 1
    • Gestolen: 11-04-1934
    • Teruggevonden: Niet

Deze twee panelen zijn de voor- en achterkant uit hetzelfde kader. 

Rechtvaardige rechters

Rechtvaardige rechters origineel (overschilderd)
Rechtvaardige rechters origineel (overschilderd)
Rechtvaardige rechters kopie (na restauratie)
Rechtvaardige rechters kopie (na restauratie)

Het paneel de Rechtvaardige Rechters meet 149 cm bij 55 cm. 

Tijdlijn

942-1150

  • De Bisschop van Doornik en Noyon (Transmarus) zou op de plaats van de huidige Sint-Baafskathedraal in 942 een kerkje gewijd hebben aan de heilige Johannes de Doper. Van de hierop volgende Romaanse kerk, die dateert van het midden van de 12e eeuw, zijn nog sporen terug te vinden in de muurschilderingen van de crypte.

1390 (uiterlijk 1392)

  • Het huwelijk tussen Joos Vijd (1360-1439) en Elisabeth Borluut (overleden 05-05-1443). Joos Vijd (1360-1439) kwam van het Land van Beveren. Het echtpaar ging wonen in Gent op de Hoogpoort in huis ‘De Pijl’.

1397

  • In 1397 verhuisden Joos en Elisabeth naar de Abdij Onze-Lieve-Vrouw-Ter-Duinen in Koksijde.

1420

  • Rond 1420 financierden ze de nieuwbouw van een travee en een kranskapel in de Sint-Janskerk in Gent.

1424

  • Joos Vijd (1360-1439) is nauw betrokken bij de kerk. Voor een vermogend man als Vijd is het niet bijzonder dat hij in een kerk een eigen kapel (Vijdkapel) liet bouwen, al maakte hij voor de operatie wel heel veel goederen te gelde. De grootsheid van de onderneming valt wellicht te verklaren doordat het echtpaar kinderloos is. Vijd moet geweten hebben dat de vruchtbare leeftijd van zijn vrouw voorbij is en enigszins gekweld zijn geweest door het besef dat de recent geadelde familie met hem zou uitsterven.
  • Opdracht van Joos Vijd (1360-1439) aan Hubert van Eyck (1366-1426) om een altaarstuk (veelluik) te schilderen.

1426

  • Overlijden Hubert van Eyck (1366-1426). Het werk komt stil te liggen. Hij overleed terwijl hij aan het Lam Gods werkte en is vermoedelijk begraven in de crypte van de Vijdkapel, waar zijn werk moest komen. De humanist Hiëronymus Münzer bezocht de plek in 1495 en maakte melding van een grafsteen voor het altaar. Ook Lucas de Heere vermeldde de steen in 1559 en volgens Marcus van Vaernewijck (1565) kon men erop staan. De afgesleten grafsteen is bewaard in het Museum voor Stenen Voorwerpen in Gent. Al sinds de Gentse republiek is de koperen plaat die er op zat verdwenen, maar dankzij Van Vaernewijck en zijn ‘Spieghel der Nederlandscher Audheyt’ uit 1568 kennen we het opschrift.

1430-1432

  • Jan van Eyck (1390-1441) maakt het werk van zijn broer Hubert van Eyck (1366-1426) af.

1432

  • Het veelluik, opgebouwd uit 20 eikenhouten panelen, wordt ingewijd in de Sint-Janskerk te Gent.
  • 06-05-1432: Het veelluik wordt voor het eerst opgesteld in de Vijdkapel van Joos Vijd (1360-1439) en Elisabeth Borluut (overleden 05-05-1443).
1433
  • In 1432 of 1433 trouwt Jan van Eyck (1390-1441) met Margaretha van Eyck. Over haar is weinig bekend.

1435

  • Joos Vijd (1360-1439) en Elisabeth Borluut (overleden 05-05-1443) richten een stichting (fundatie) op, die hun zielenheil moest verzekeren door dagelijks een mis te doen opgedragen in de Vijdkapel.

1439

  • Overlijden Joos Vijd (1360-1439) in Gent. Ca. 79 jaar oud. Waarschijnlijk is Vijd, net als zijn vader Clais, begraven in het kartuizersklooster Koningsdal in Rooigem. In de Gentse Vijdkapel is alleen zijn wapenschild te zien op de sluitsteen (en vroeger ook in de brandglasramen).

1441

  • 09-07-1441: Overlijden Jan van Eyck (1390-1141) in Brugge. Hij is begraven op het kerkhof van de Sint-Donaaskerk in Brugge.

1442

  • Een jaar later heeft Lambert van Eyck (1431-1442) het lichaam van zijn broer Jan van Eyck (1390-1441) overgebracht naar het koor van de kerk (notitie van 21-03-1442). Op de grafplaat stond: Hier licht Mr. Joannes de Eijcke den alderconstichsten meester van schilderije die in dese Nederlanden gheweest heeft.

1443

  • 05-05-1443: Overlijden Elisabeth Borluut (4 jaar na haar man). Ze is begraven in de familiekapel van de Borluuts in het Augustijnerklooster in Gent. Op een koperen vloerplaat waren wapenschilden afgebeeld en het volgende opschrift:Hier licht begraven joncvrauwe Lysabette Borluut, Joos Vyts wijf was, die overleet deser werelt int jaer Ons Heeren als men screef M.CCCC.XLIII, den V dagh in meye. Resquiescat in pace
    Uit het feit dat ze niet met haar man is begraven, wordt soms een slechte onderlinge verstandhouding afgeleid. Hoewel zo’n scheiding in de dood zeker uitzonderlijk mag worden genoemd, gaat deze gevolgtrekking te ver. De echtgenoten waren in elk geval voldoende in harmonie om samen een uitgebreid religieus project als de Vijdkapel tot stand te brengen. Ook zal hun symbolische vereniging in de Vijdkapel (op het altaarstuk, op de sluitsteen en vroeger ook in de brandglasramen), alsmede in de Gentse en Beverse dodenmissen, hun keuze voor afzonderlijke laatste rustplaatsen enigszins hebben verzacht.
1500
  • In de 16e eeuw worden grote delen van het veelluik overschilderd. Deze worden verwijderd vanaf 2012.

1536

  • In 1536 is op bevel van keizer Karel V de eeuwenoude Sint-Baafsabdij opgeheven, het merendeel van de abdij is na de Gentse opstand in 1540 gesloopt en omgebouwd tot kazerne. De abt en monniken van deze abdij worden geseculariseerd en kregen de titel van kanunnik. Hun kapittel ging over naar de Sint-Janskerk die vanaf dan Sint-Baafskerk wordt genoemd.

1550

  • De kerk is in de loop van de 15e en 16e eeuw omgebouwd in de gotische stijl. Ongeveer in het midden van de 16e eeuw had het gebouw de vorm die het nu nog heeft.

1559

  • Het bisdom Gent is in 1559 opgericht en de kerk wordt de Sint-Baafskathedraal. Onder de lange rij van herders van het bisdom Gent moet zeker de figuur van de zevende bisschop, Antonius Triest, vermeld worden. Het rijke, barokke interieur van de kathedraal zoals we die nu nog zien, draagt zijn krachtige stempel.

1566

  • Tijdens de beeldenstorm wordt het veelluik in de toren verborgen.

1574

  • Het stadsbestuur van Gent wil het veelluik aan koningin Elizabeth I van Engeland schenken. Door verzet van de kerk ziet men hier echter van af.

1640 of 1641

  • Brand in de Sint-Baafskathedraal. Het veelluik blijft gespaard.

1781

  • Verwijdering van de twee zijpanelen ‘Adam’ en ‘Eva’ voor het bezoek van Jozef II.

1794

  • Franse soldaten nemen de centrale panelen mee naar Parijs, de zijpanelen worden verborgen.

1815

  • Bij de val van Napoleon gaan de centrale panelen uit Parijs terug naar de Sint-Baafskathedraal in Gent.

1816

  • De zijpanelen (uitgezonderd de panelen ‘Adam’ en ‘Eva’) worden gekocht door Frederik Willem III en tentoongesteld in de Gemäldegalerie van Berlijn.

1822

  • Brand in de kathedraal. Schade aan de centrale panelen, in het bijzonder een barst in het centrale paneel ‘De Aanbidding van het Lam’. Er komt as en gesmolten lood terecht op dit centrale paneel.

1826

  • Het centrale paneel barst door de droogte tijdens de zomer doordat het te vast in de lijst gespijkerd zit.

1861

  • Verkoop van de panelen ‘Adam’ en ‘Eva’ aan de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België.

1894

  • In Berlijn worden zes zijpanelen met de lijsten doormidden gezaagd en geparketteerd.

1914

  • Het veelluik wordt verstopt voor de Duitse inval.

1920

  • Alle panelen worden worden weer verenigd als uitvoering van een clausule uit het Verdrag van Versailles.
  • Art 247: Germany undertakes to deliver to Belgium, through the Reparation Commission, within six months of the coming into force of the present Treaty, in order to enable Belgium to reconstitute artistic work: The leaves of the triptych of the Mystic Lamb painted by the Van Eyck brothers, formerly in the Church of St. Bavon at Ghent, now in the Berlin Museum).

1934

  • 10-04-1934 (dinsdagavond om 19:00 uur):  Het Lam Gods wordt zoals iedere avond door de afgedekt met een gordijn tegen de vleermuizen. De kerk wordt afgesloten door de kerkbedienden Oscar Van Bouchaute en Alfons Hebberecht.
  • 10-04-1934 Volgens een verklaring zou er om 23:11 uur een auto zijn waargenomen in de buurt van de kathedraal.
  • 11-04-1934 (woensdagochtend, 5:25 uur): De deur van de kerk staat open. Oscar Van Bouchaute opent het veelluik (via een koort aan de zijkant) en ziet dat de panelen ‘De Rechtvaardige Rechters’ en ‘Johannes de Doper’ zijn gestolen.
  • Start van het politieonderzoek. Er zijn geen aanknopingspunten. Er zijn geen vingerafdrukken en ook geen getuigen.
  • 24-04-1934: Arsène Goedertier neemt 1.600 Franc op van de bank.
  • 28-04-1934: Een zekere Arsène Van Damme (later zou blijken dat dit een valse naam was voor Arsène Goedertier) huurde een schrijfmachine in de zaak Ureel gevestigd in de Vlaanderenstraat 38 in Gent. Het gaat om een een draagbare Royal-schrijfmachine. Daarvoor moest hij een borg van 1.500 frank geven. Goedertier gebruikt hiervoor waarschijnlijk zijn vals paspoort. Het zou gaan om een periode van één maand.
  • 30-04-1934: Eerste brief verzending. Vanaf postkantoor Antwerpen 12.
  • 01-05-1934: Eerste brief ontvangst. Afzender D.U.A. Tussen de brieven die het bisdom krijgt met allerhande ‘inlichtingen’, komt er op 1 mei ook een lichtgroene briefomslag aan van het meest gebruikelijke formaat, geadresseerd aan Monseigneur Honoré Coppieters, de bisschop van Gent. De enveloppe bevat een getypte brief, ondertekend met de initialen D.U.A. De schrijver beweert in het bezit te zijn van de twee panelen, en als blijk van goede wil stelt hij voor om het paneel van Sint-Jan de Doper terug te geven. Het enige wat de bisschop hiervoor moet doen is een advertentie plaatsen in het Franstalige liberale dagblad La Dernière Heure . Voor het paneel van de Rechtvaardige rechters eist D.U.A. echter de som van één miljoen frank. Deze brief wordt pas op 7 mei aan de Gerechtelijke Politie overhandigd. Na overleg besluit men om in La Dernière Heure een advertentie te plaatsen, maar niet de gewenste. Aldus verschijnt er in dit dagblad op 14 en 15 mei de volgende melding: “D.U.A. Overdreven voorstel.”.
  • 07-05-1934: Gerechtelijke politie ontvangt de brief via het bisdom.
  • 14-05-1934: Eerste advertentie van het bisdom in de krant.
  • 15-05-1934: Tweede advertentie.
  • 19-05-1934: Tweede brief verzending. Vanaf postkantoor Brussel 1. Naar het bisdom.
  • 20-05-1934: Tweede brief ontvangst. Het antwoord van D.U.A. is er snel: op 20 mei ontvangt het bisdom opnieuw een lichtgroene enveloppe. D.U.A. schrijft dat zijn voorstel helemaal niet overdreven is en dreigt ermee om stukjes van het paneel van Sint-Jan de Doper op te sturen indien niet op zijn voorstellen wordt ingegaan. Dit willen het gerecht en het bisdom te allen prijze vermijden, en daarom wordt op 25 mei in La Dernière Heure het volgende antwoord geplaatst: “D.U.A. In akkoord met de betrokken instanties aanvaarden wij uw voorstellen volledig”. Bij deze brief steekt nog een tweede blad waarop staat de bisschop een commissieloon van 5 % krijgt uitgekeerd omdat D.U.A. deze zaak “bijna als een commerciële zaak” wil afhandelen.
  • 26-05-1934: Derde advertentie. In La Dernière Heure.
  • 28-05-1934: Derde brief verzending. Vanaf postkantoor Noordstation Brussel.
  • 29-05-1934: Derde brief ontvangst. Opnieuw komt het antwoord van D.U.A. vlug, namelijk op 29 mei. Wederom is het een lichtgroene enveloppe zodat de brief snel wordt opgemerkt tussen de andere brieven. Dit keer bevat de enveloppe niet alleen een getypte brief, maar ook een depotbiljet van het bagagecentrum van het Noordstation in Brussel. Afhaalbewijs nummer 8178. Commissaris Luysterborgh, kanunnik Standaert en drie agenten van de Brusselse Gerechtelijke Politie spoeden zich op 29 mei met het depotbiljet naar het Noordstation en krijgen daar een groot pak, in bruin papier gewikkeld, met ongeveer de afmetingen van het paneel. In het Brusselse Justitiepaleis openen ze het pak waaruit het paneel van Sint-Jan de Doper tevoorschijn komt. Het is gewikkeld in zwart wasdoek en ongeschonden.
  • 31-05-1934: Vierde brief verzending. Vanaf postkantoor Antwerpen 6.
  • 31-05-1934: Artikel in L’Indépendance Belge 
  • 01-06-1934: Vierde brief ontvangst. Op 1 juni komt er opnieuw een brief van D.U.A. op het bisdom aan. Daarin vertelt hij dat hij het geld voor de Rechtvaardige Rechters zal ophalen bij Hendrik Meulepas, de pastoor van de Antwerpse Sint-Laurentiuskerk. Jammer genoeg verschijnt er op 31 mei in L’Indépendance Belge een artikel waarin gewag wordt gemaakt van de vondst van Sint-Jan de Doper. De geheimhouding waarop D.U.A. aangedrongen heeft is op die manier verbroken. De onderzoekers proberen de brokken te lijmen door in La Dernière Heure de volgende regel te laten publiceren: “D.U.A. Brief ontvangen, ingevolge indiscreties enkele dagen geduld.”.
  • 04-06-1934: Vijfde brief verzending. Vanaf postkantoor postkantoor Wilrijk.
  • 04-06-1934: Vijfde brief ontvangst. Opnieuw volgt een spoedig antwoord van D.U.A. De briefschrijver laat weten dat hij de indiscreties betreurt, maar dat hij verder wil gaan met de transactie op voorwaarde dat deze zin in La Dernière Heure gepubliceerd wordt: “A.N.S. Volstrekte belofte dat geheim zal worden bewaard. Handel volkomen onbezorgd.”. Merkwaardig is dat hij de initialen in deze zin wijzigt, maar toch blijft ondertekenen met D.U.A. Bij het bisdom besluit men te doen alsof deze brief nog niet aangekomen is, en in La Dernière Heure valt op 7 juni te lezen: “D.U.A. Pakje zal zaterdag 9 juni overhandigd worden.”
  • 04-06-1934: Vierde advertentie.
  • 07-06-1934: Vijfde advertentie.
  • 09-06-1934: Zesde brief verzending. Vanaf postkantoor Brussel 1.
  • 09-06-1934: Zesde brief ontvangst. Vooraleer het pakje zou overhandigd worden bereikt er echter nog een D.U.A.-brief het bisdom, waarin de vorige brief bevestigd wordt en geëist dat de gevraagde zin “A.N.S. Volstrekte belofte dat geheim zal worden bewaard. Handel volkomen onbezorgd.” in La Dernière Heure zou gepubliceerd worden. Om de onderhandelingen nu niet te laten afspringen besluiten de onderzoekers op zijn brief in te gaan, en wordt op 13 juni de zin gepubliceerd.
  • 13-06-1934: Zesde advertentie. Publicatie van de aanvullende zin.
  • 13-06-1934: Brief die Goedertier aan zichzelf verzonden heeft met ondertekening de A.M.D.G. (AMDG). Gevonden na zijn dood. Dit briefje heeft Goedertier waarschijnlijk aan zichzelf gestuurd om zichzelf een alibi te bezorgen bij een eventuele arrestatie bij de afhaling, de afhaling zou moeten gebeuren in opdracht van een familie met aanzien, nemen we nu aan dat Goedertier in dit briefje enkele aanwijzingen stopte zoals het eerder besproken “coupe-file” dan nemen we uit dit briefje nog enkele dingen over en gaan ernaar op zoek in de Bisschopskapel: Mijnheer, Daar ik sinds lang uw karakter van goed mens ken, veroorloof ik mij u te verzoeken mij te willen helpen bij de overbrenging van een bundeltje familiedocumenten en brieven, waarvan de eer van een familie, waarvoor u veel achting hebt, afhangt. De dienst die ik u vraag, is niet moeilijk uit te voeren. Het gaat er alleen om bij de eerw. Heer pastoor van de St.Laurentiuskerk, Markgravelei 95 te Antwerpen, een klein pakje af te halen en het te overhandigen, zonder u bekend te maken, aan de pastoor van de Finistère-kerk in Brussel. In Antwerpen zal niemand uw adres vragen en het zal volstaan dat u bijgaande briefomslag aanbiedt. U dient dus eenvoudig als ‘vrijgeleide’ bij de overbrenging. In de overtuiging dat u deze hulp niet zult weigeren aan een familie in nood, veroorloof ik mij hierbij de som van tweehonderd frank te voegen voor het dekken van de onkosten. Na het beëindigen van deze belangrijke zaak, zal ik u een geschenk laten geworden dat u aangenaam zal herinneren aan uw christelijke tussenkomst. Gelieve te aanvaarden, mijnheer, mijn gevoelens van hoogachting. A.M.D.G.
  • 14-06-1934: Een taxichauffeur gaat naar de pastorie van Meulepas. Meulemans is dan niet aanwezig en moet gehaald worden. De man overhandigt nietsvermoedend een gesloten envelop met de boodschap dat hij een pakje moet afhalen. In de envelop zit een afgescheurde krantenpagina die perfect past bij de halve pagina die de dader(s) eerder had(den) opgestuurd. Meulepas geeft de chauffeur daarop het pakje met het geld. De man neemt het aan en verdwijnt. Er was geen politie aanwezig.
  • 18-06-1934: Zevende brief verzending. Vanaf postkantoor Brussel 1.
  • 18-06-1934: Zevende brief ontvangst. Enkele dagen na de overhandiging van het geld ontvangt de bisschop een nieuw schrijven. D.U.A. stelt dat hij ontgoocheld is dat er slechts 25.000 Franc is overhandigd. Het is veeleer een klaagzang, die bulkt van het zelfmedelijden. Van de zelfverzekerde toon uit al de vorige brieven blijft maar zeer weinig meer over. De onderzoekers laten op 21 juni via de gebruikelijke weg het bericht publiceren dat ze de brief ontvangen hebben, maar dat ze onmogelijk met een miljoen over de brug kunnen komen.
  • 21-06-1934: Zevende advertentie.
  • 05-07-1934: Achtste brief verzending. Vanaf postkantoor Brussel 1.
  • 05-07-1934: Achtste brief ontvangst. In de achtste brief is er niet veel meer te merken van de wanhoop uit het vorig schrijven. D.U.A. lijkt eerder te berusten in de situatie. Hij halveert bovendien het losgeld voor de Rechtvaardige Rechters tot 500.000 Franc. Dat de resterende 400.000 Franc alsnog zouden betaald worden na de restitutie van het paneel kan geen redelijk mens geloven. De onderzoekers besluiten dit keer koppig te zwijgen en niets in La Dernière Heure te plaatsen.
  • 23-07-1934: Negende brief verzending. Vanaf postkantoor Gent 1.
  • 23-07-1934: Negende brief ontvangst. Op 23 juli wordt er door D.U.A. een nieuwe brief gepost. Veel nieuws is er niet in te lezen. Het blijkt echter steeds meer dat hij niet meer hoopt om nog tot een oplossing te komen. Er wordt stevig gediscussieerd tussen het gerecht en het bisdom over hoe het nu verder moet. De bisschop is geneigd om de nodige centen neer te tellen, maar minister van Justitie Janson is ervan overtuigd dat ‘gangsters’ geen wetten te stellen hebben. Men besluit om in La Dernière Heure het volgende te laten invoegen: “D.U.A. Handhaven laatste voorstel”.
  • 27-07-1934: Achtste advertentie.
  • 02-08-1934: Tiende brief verzending. Vanaf postkantoor Brussel 1.
  • 03-08-1934: Tiende brief ontvangst. Op 3 augustus komt het antwoord aan op het bisdom. In deze brief komen geen nieuwe elementen aan bod. D.U.A. laat uitschijnen dat hij het hele zaakje grondig beu is, en dat hij zo snel mogelijk een oplossing wil. Op deze brief wordt op geen enkele manier gereageerd.
  • 07-09-1934: Elfde brief verzending. Vanaf postkantoor Brussel 1.
  • 08-09-1934: Elfde brief ontvangst. De volgende brief komt aan op 8 september. Deze brief is voor het eerst (en ook voor het laatst, zoals later zou blijken) niet met de gebruikelijke initialen ondertekend. Er wordt zelfs helemaal niet ondertekend. Wat ook opvalt aan deze brief is dat er voortdurend in de derde persoon enkelvoud wordt geschreven, terwijl D.U.A. het in de voorgaande brieven steeds had over ‘je’ en ‘nous’. De schrijver verzekert dat het paneel nog steeds niet vernietigd is, en dat het nog steeds op dezelfde plaats aanwezig is. Zowel bisdom als gerecht wensen in geen geval dat de verbinding met D.U.A. verbroken wordt, en laten in La Dernière Heure plaatsen dat ze de brief ontvangen hebben, maar dat ze hun vorig voorstel handhaven.
  • 13-09-1934: Negende advertentie.
  • 20-09-1934: Twaalfde brief verzending. Vanaf postkantoor Brussel 1.
  • 20-09-1934: Twaalfde brief ontvangst. De twaalfde brief is er een waarin de gevoelens van ontgoocheling over de niet nagekomen beloften sterk naar boven komen. Tussen de lijnen door valt er zelfs wat spijt te bespeuren. Op deze brief wordt noch door het bisdom, noch door het gerecht gereageerd.
  • 01-10-1934: Dertiende brief verzending. Vanaf postkantoor Brussel 1.
  • 01-10-1934: Dertiende brief ontvangst. Laatste brief. In de laatst verstuurde brief komen spijt, wroeging en schuldgevoel zeer sterk naar boven. Het bisdom en het gerecht menen dat zij niet hoeven te antwoorden, in de overtuiging dat D.U.A. nog brieven zou schrijven. Er zouden echter geen brieven meer volgen.
  • 10-10-1934: De schrijfmachine wordt in depot gegeven.
  • 25-11-1934: In een café in Dendermonde (een dorpje vlak bij Gent) vindt een politieke bijeenkomst plaats. Aanwezig is ook de 57-jarige Arsène Goedertier (1876-1934). Hij is geldwisselaar in Wetteren (een plaatsje tussen Dendermonde en Gent) en voormalig koster aldaar met politieke ambities. Aan het einde van de avond krijgt Arsène Goedertier in het café een hartaanval. Er wordt besloten om hem naar het huis van zijn zwager te brengen die om de hoek van het café woont. Daar aangekomen zegt Goedertier dat hij zijn advocaat en goede vriend Georges (Joris) de Vos onder vier ogen wil spreken.
  • 25-11-1934: Hij vraagt niet om een priester voor het laatste sacrament. Er verschijnt wel een priester aan zijn sterfbed maar Goedertier stuurt hem weer weg. ‘Mijn geweten is gerust‘, zegt hij.
  • Volgens de Vos, die als enige bij Goedertier aanwezig was in diens laatste minuten, verklaarde de stervende Arsène dat hij de enige was die de bergplaats kende. Hij was hij niet meer bij machte om die bergplaats bekend te maken. Wel verwees hij volgens de advocaat nog naar documenten die verborgen waren in zijn huis in Wetteren.
  • In het huis van Goedertier vindt de Vos o.a. een handgeschreven kladversie van een veertiende brief (die niet verzonden was). Er staat dat het paneel goed verstopt is op een publieke plaats waar niemand het zomaar ongezien zou kunnen onthullen. Onderaan pagina 4 van de brief staat helemaal aan het einde een code die bestaat uit:
    1. Regels met cijfers en streepjes
    2.  Woorden en een getal:
        • Nina
        • arte
        • oiseau
        • 152
        • Jean
        • de letters er?
  • De Vos gaat niet naar de politie. Hij start zelf met een aantal vrienden bij de plaatselijke rechtbank een geheim onderzoek dat een maand duurt.
  • 11-12-1934: De schrijfmachine wordt in het bagagedepot van het Sint-Pietersstation aangetroffen. Merk Royal, nummer 66882.
  • 27-12-1934: De Vos gaat alsnog met de brieven naar de politie. Commissaris van politie is Luysterborgh.
  • Het Belgische politieonderzoek wordt gecoördineerd vanuit Dendermonde terwijl de diefstal plaats vindt in Gent. De Vos wordt niet ondervraagd door de Belgische politie. De vrouw van Goedertier, de dokter en de pastoor worden ook niet meteen ondervraagd. Het bisdom wordt niet meteen ingelicht.
  • Hoewel Goedertier in eerste instantie als de dief werd aangemerkt, ontstond er na enige tijd twijfel. Een reconstructie in 2006 toonde definitief dat Goedertier, die klein was gebouwd, van middelbare leeftijd en nachtblind was, fysiek onmogelijk de diefstal van het kunstwerk uit een hoog altaarstuk in een donkere kathedraal kon hebben gepleegd. Dit sloot echter niet uit dat hij het brein erachter was geweest of op een andere manier erbij betrokken was.
  • Anderen sluiten niet uit dat de belastende documenten mogelijk na de dood van Goedertier heimelijk in diens kantoor zijn verborgen zodat hij als zondebok kon worden aangewezen. Mogelijk is de Vos er achter gekomen wie er achter de diefstal zit. In ieder geval begint de Vos meteen na het voorval uit het niets aan een schitterende politieke carrière voor de Katholieke Partij (In 1936 heeft hij een senaatszetel).
  • Volgens zijn weduwe zouden Arsene Goedertier en zijn broer gezegd hebben dat zij het paneel zelf zouden zoeken rond de kathedraal.
  • Het paneel ‘De Rechtvaardige Rechters’ is nog altijd (2021) niet gevonden.

1939

  • In 1939 begint Jef Van der Veken aan een kopie waarbij één van de Rechtvaardige Rechters het gezicht krijgt van koning Leopold III (om verschil met oorspronkelijk paneel te maken, geen vervalsing dus). Hij werkt naar een kopie van Michiel Coxie uit de 16de eeuw en werkt in de kathedraal om voortdurend kleur vergelijkingen te maken met andere panelen van het Lam Gods.

1940

  • In 1940 worden alle panelen (uitgezonderd de Rechtvaardige Rechters, waaraan Van der Veken nog werkt’ samen met nog 69 andere schilderijen uit musea overgebracht naar het kasteel van Hendrik IV van Frankrijk in Pau om ze te beschermen tegen Duitse bombardementen (ook het schilderij van Coxie?)
  • Een eerste verhoor van de Vos (door de Duitse bezetters).

1942

  • Duitse troepen nemen het veelluik mee uit Pau voor Hitlers geplande kunstencentrum in Linz om later deel uit te maken van de Linzer Sammlung.
  • Hitler stuurt een SS-er naar Gent om het ontbrekende paneel te vinden. Deze begint een politie onderzoek en komt tot de conclusie dat de dieven uit de kerkelijke kringen komen en dat Goedertier niet de dief is.

1944

  • 13-03-1944 Briefje van de pastoor van Steendorp aan de Bisschop waarin beschreven staat hoe de weduwe van Goedertier (Julienne Minne) haar erfenis wil verdelen. Ze laat 25.000 Franc na aan het bisdom als vergoeding voor 25.000 Franc die de Bisschop betaald zou hebben van het losgeld. (bron: Archief Albert Van Petegem, 1916-2004)

1945

  • 08-05-1945: Het Derde Amerikaanse Leger vindt het intacte veelluik terug in de zoutmijnen van Altaussee bij Salzburg (Oostenrijk) met weinig schade door de constante temperatuur van 7 °C en relatieve vochtigheidsgraad van 70%.
  • Begin augustus 1945: Transport van het veelluik naar het Munchen Collection Point of the Monuments, Fine Arts and Archives Section.
  • 20-08-1945: De panelen gaan per vliegtuig van Munchen naar Brussel en worden opgeslagen in het Koninklijk Paleis.
  • 30-10-1945: Het veelluik keert terug naar de Sint-Baafskathedraal in Gent.
  • 06-11-1945: Weer te bezichtigen door het publiek.

1951

  • Restauratie met aanbrengen van een vernislaag.

1986

  • Het veelluik wordt geplaatst in de Villakapel, de vroegere doopkapel. Het komt in een kogelvrije zwaarbeveiligde glazen kooi.

2012

  • Start van een grootschalig restauratieproject in het Museum voor Schone Kunsten van Gent. Verwijderen van de overschilderingen uit de 16e eeuw. Fase 1 van de restauratie.

2017-2020

  • Restauratie van vier panelen. Verwijderen van overschilderingen uit de 16e eeuw. Fase 2 van de restauratie.

2020

  • van Eyckjaar. Het van Eyck jaar is verlengd tot 1-06-2021 als gevolg van de Corona pandemie.
2021
  • 25-03-2021: Opening van het Bezoekerscentrum in de Sint-Baafskathedraal. Het Lams Gods is een paar dagen eerder verhuisd naar deze beveiligde en uitgelichte ruimte.
  • Het Lam Gods staat opgesteld in de Sacramentskapel (recht achter het Hoogaltaar).
  • De vitrine is geklimatiseerd, 6 meter hoog en 100 kubieke meter groot.
  • Het schilderij hangt aan een stalen draagstructuur, die pneumatisch gestuurd is om de beweging van de zijpanelen mogelijk te maken zonder dat iemand in de vitrine moet binnengaan.
  • Elke ochtend en avond wordt het veelluik langzaam geopend en gesloten.
  • Er zijn grote inbraakveilige deuren waardoor de houten panelen bij rampen kunnen worden geëvacueerd.
  • Het felle licht doorheen de glas-in-lood ramen kan met gordijnen afgeschermd worden, zodat de bezoekers onder ideale omstandigheden kunnen genieten van alle details van het kunstwerk.
  • 14-10-2021: Duidelijk welke Van Eyck welk deel schilderde. Zie Volkskrant 14-10-2021.
Duidelijkheid welke Van Eyck welk deel schilderde (14-10-2021)
Duidelijkheid welke Van Eyck welk deel schilderde (14-10-2021)
2021-2024
  • Restauratie het bovenste gedeelte. Verwijderen van overschilderingen uit de 16e eeuw. Fase 3 van de restauratie.
2024
  • Planning afronding restauratie.
Sint-Baafskathedraal
Sint-Baafskathedraal

Wetenswaardigheden

  • Het altaarstuk is ongeveer zo groot als de Nachtwacht.
  • Goedertier heeft o.a. in de buurt van de Sint-Laurentiuskerk in Antwerpen gewoond.

Meer informatie

Spelling op deze site

  • Vijdkapel, Villakapel (hoofdletter en aan elkaar)
  • kranskapel, familiekapel, doopkapel (kleine letter en aan elkaar)
  • het paneel ‘Adam’ (naam tussen enkele aanhalingstekens)
  • Sint-Janskerk, Sint-Baafskerk, Sint-Baafskathedraal
  • is (geen was), wordt (geen werd), worden (geen werden)
  • bisdom (kleine letter)
  • van Eyck (kleine v), de Vos (kleide d)
  • Franc met een hoofdletter en een c
  • Bedrag met punt na het duizendtal. Dus 1.500 Franc

John Cale – Close Watch (audio, 1982)

(I Keep A) Close Watch

 

Never win and never lose
There’s nothing much to choose
Between the right and wrong
Nothing lost and nothing gained
Still things aren’t quite the same
Between you and me

 

I keep a close watch on this heart of mine
I keep a close watch on this heart of mine

 

I still hear your voice at night
When I turn out the light
And try to settle down
But there’s nothing much I can do
Because I can’t live without you
Any way at all 

 

I keep a close watch on this heart of mine
I keep a close watch on this heart of mine

Bach – Weihnachtsoratorium (BWV 248)

Uitvoerenden

  •  Dirigenten:
    • Cantates I, II en III: Jan Willem de Vriend (2015)
    • Cantates IV, V en VI: Trevor Pinnock (2016)
  • Koninklijk Concertgebouworkest (KCO)

Het Weihnachtsoratorium (BWV 248) (Kerstoratorium; Oratorium Tempore Nativitatis Christi) is een oratorium, bestaande uit zes afzonderlijke, maar inhoudelijk verbonden werken, soms aangeduid als cantates, geschreven door Johann Sebastian Bach voor de periode van Kerst 1734 tot en met Driekoningen 1735. De teksten zijn ontleend aan het Evangelie volgens Lucas en het Evangelie volgens Matteüs en waarschijnlijk geschreven door librettist Picander (pseudoniem van Christian Friedrich Henrici).

Weihnachtsoratorium
Weihnachtsoratorium

Louis van Dijk

Prélude (Prelude, Fugue et Variation Op. 18 van César Franck)

  • Louis van Dijk – Piano
  • Jacques Schols – Bass
  • John Engels – Drums

Album: Mariposa (1971)

Blackbird (Paul McCartney)

  • Louis van Dijk – Piano
  • Jeroen de Rijk – Percussie

Uit de documentaire: Louis van Dijk and Friends – Live in France (2005)

The Windmills Of Your Mind (Michel LeGrand)

  • Louis van Dijk (Dyke) – Piano
  • Jacques Schols – Bass
  • John Engels – Drums

Album: Pavane (1969)