Boerhaavestraat

Boerhaavestraat.

1922 Boerhaavestraat.
1922 De toekomstige bewoners van de woningen met rijkssteun aan de Boerhaavestraat. In de auto zit de aannemer Zebregts.

Op 9 februari 1926 maakt een vliegtuigje een noodlanding op de Armhoefse Akkers en komt tegen Boerhaavestraat 61 tot stilstand.

1926 Vliegtuigje in de Boerhaavestraat.
1926 Vliegtuigje in de Boerhaavestraat.
  • In de ochtend van 9 februari 1926 maakte een vliegtuigje (een Fokker D.VII met registratienummer 270) afkomstig van de vliegbasis Soesterberg, een noodlanding en kwam terecht tegen de gevel van de woning Boerhaavestraat 61. De piloot bleef ongedeerd. Op braakliggende terrein van de landing werd in 1929 het St. Elisabeth ziekenhuis gebouwd. Het vliegtuig was bezig met meteorologische waarnemingen voor het KNMI in De Bilt. De piloot en bewoners bleven ongedeerd. De woning werd bewoond door de familie H.J. van der Waerden-Stalpers.
  • Het vliegtuig had een noodlanding gemaakt op het voetbalveldje tegenover het huis en was via het trottoir, recht op Boerhaavestraat 61 afgekomen. De wielen van het toestel bleven haken achter het tuinmuurtje. Hierdoor sloeg het toestel over de kop en kwam de neus in de grond van de tuin terecht en de staart tegen de dakgoot. Het muurtje voorkwam dus dat het toestel de huiskamer binnen reed.
  • Het was mistig die dag in Brabant. Om zich te beter te oriënteren was de piloot lager gaan vliegen en ontdekte rond half negen dat hij boven het station in Boxtel vloog. Om weer in Soesterberg terug te komen wilde hij de spoorlijn volgen maar door de mist kwam hij via de spoorlijn in Tilburg terecht.
  • Volgens de krant: ‘Een dichte mist hing over de stad. De bewoners zagen met stijgende onrust de machine telkens uit de mist te voorschijn komen en vlak langs de huizen scheren, op zeker ogenblik vloog het zelfs tussen de huizen door. Klaarblijkelijk zocht de vliegenier een geschikte landingsplaats. De machine vloog over de St. Josephstraat rakelings over de villa van de heer Van de Mortel heen (zie 1910 Villa van de Mortel). Met spanning volgden de bewoners de evoluties van het vliegtuig.’
  • Piloot was Sergeant Charles Theodorus ‘Teddy’ Rombout (1896, Leiden – 1979, Den Haag). Hij vloog in die jaren vaker voor het KNMI. Vanaf 1919 was er een regeling tussen de luchtmacht en KNMI voor het maken van weervluchten. Tweemaal per dag steeg een vliegtuig op voor metingen op een hoogte van 5.489 meter. Op het moment van de landing in Tilburg was piloot Teddy 29 jaar oud. Nadat hij uit zijn toestel klom was de eerste vraag van Rombout aan de omstanders ‘Waar ben ik hier?’
  • Later kon het toestel rechtgezet worden en naar het voetbalveldje gesleept worden voor demontage en transport. De ‘schroef’ (propeller) en een vleugel waren beschadigd. Het onderstel dus blijkbaar niet. Van der Waerden had geen schade aan het huis. Wel was het boompje op de stoep afgebroken en het muurtje met het hek bezweken. De ‘Tilburgse nr. 270′ heeft na de landing in de Boerhaavestraat nog 10 jaar gevlogen. Na een noodlanding in 1936 is het toestel afgeschreven.

Voetnoten